VAARWEL PHILIP KERR

Het is de vaste bedoeling geregeld een nieuwsbrief te produceren en de tekst van de eerste lag klaar, maar die zal pas volgen als nummer twee. De eerste kan alleen maar over Philip Kerr gaan. Om te beginnen is het idee voor deze nieuwsbrief ontleend aan die van hem, die ik steeds met zo veel plezier heb gelezen. Maar hij mocht alleen over hem gaan omdat dit een laatste eresaluut is. Op vrijdag 23 maart, een maand na zijn 62ste verjaardag, is Kerr jammer genoeg overleden en de wereld van de thriller en de misdaadroman, en bij uitbreiding de hele schrijverswereld, heeft daardoor een grote meneer verloren.

De uit Edinburgh afkomstige Kerr was niet de bekendste onder de misdaadauteurs. Hij heeft wereldwijd nooit de status gehad die Michael Connelly, Dennis Lehane, Val McDermid of James Patterson wel hebben. Wat naambekendheid bij het grote publiek betreft, speelde hij in de tweede divisie. Maar dat is allesbehalve door een gebrek aan talent. Het is geen toeval dat Lee Child steevast zijn lof zong, of dat Ian Rankin liet weten numbed te zijn door Kerrs dood en dat McDermid even verslagen reageerde. Al die groten beschouwen hem als hun gelijke.

Kerr dankt zijn reputatie vooral aan de boeken over Bernie Gunther, de commissaris van de Berlijnse politie die na de machtsgreep door Hitler wordt meegezogen in de nachtmerrie van het nazisme. Het dertiende in de reeks, Greeks Bearing Gifts, komt op 3 april uit en net voor hij stierf, werkte hij ook nog Metropolis af, dat volgend jaar zal verschijnen. Helaas wordt dat dus zijn laatste.

Wat die boeken zo boeiend maakt, is in de eerste plaats natuurlijk het hoofdpersonage zelf, de sardonische antiheld Gunther, die door zijn cynische spot en brutaliteit, maar ook zijn warmte en menselijkheid op meer dan één manier doet denken aan Raymond Chandlers Philip Marlowe. Maar er is zo veel meer. Telkens weer zette Kerr door zijn mix van feiten en fictie een ongemeen intrigerend tijdsdocument neer. Alle details kloppen, van hoe straten er in het Berlijn van 1933 uitzagen, tot al lang vergeten namen van winkels en producten, de inrichting van de cellen van de Gestapo of de villa waar Joseph Goebbels zijn minnaressen uit de film entertainde. De relaties tussen nazi-kopstukken en generaals en officieren van de Wehrmacht zijn even accuraat geschetst als in de beste historische studie. Het hielp Kerr dat hij vloeiend Duits sprak, maar de research die hij deed voor elk boek moet immens zijn geweest.

Weinige boeken geven zo haarscherp en geloofwaardig weer hoe het leven onder de nazi’s precies moet zijn geweest. Daarbij komt nog dat ze een morele ambiguïteit ademen. De slechten als Heydrich of Goebbels zijn echt slecht, maar de goeden als Gunther zijn niet altijd even rechtlijnig goed. Geregeld moeten ze compromissen sluiten om te overleven en worden ze zo ongewild deelgenoot aan de misdaden van de nazi-kliek. Door die sfeerschepping overstijgen Kerrs boeken het te vaak simpele zwart-wit wereldje van veel thrillers.

Zeker tien titels bestempel ik als schitterend: de eerste drie (March Violets, The Pale Criminal en A German Requiem, later gebundeld als Berlin Noir) en verder The One from the Other, A Quiet Flame, Field Grey, A Man Without Breath, The Lady from Zagreb, The Other Side of Silence en Prussian Blue – voor mij een van de toppers van vorig jaar. En de enige die ik wat minder vind, If the Dead Rise Not, zit nog ver boven het niveau van driekwart van de andere auteurs.

Alleen al voor de Bernie Gunther-reeks verdient Kerr alle lof, maar hij schreef er nog achttien andere, waaronder zeven jeugdboeken en drie rond Scott Manson, een ex-topspeler en fixer voor de fictieve voetbalclub London City. In die titels, January Window, Hand of God en False Nine, etaleerde Arsenal-supporter Kerr een even grote kennis als liefde voor het voetbal. Hij weet dingen over spelers of teams die veel voetbaljournalisten wellicht niet eens weten. En dan zijn er nog standalone-boeken zoals Prayer, waarin hij de sinistere kant van Amerikaanse tv-predikanten subliem tekent.

Tel alles op en je krijgt een van de beste en meest intrigerende auteurs van de jongste dertig jaar. Wie zijn boeken nooit heeft gelezen, moet dat dringend doen en raakt er dan waarschijnlijk verslaafd aan, schreef NRC Handelsblad. Wie hem wel kent, kan dat alleen maar bevestigen.

Om al die redenen zeg ik dus: vaarwel Philip Kerr, fare thee well, ik zal je missen. Dank voor wat je ons nagelaten hebt. Greeks Bearing Gifts zal ik straks met meer dan gewone interesse lezen. En ik denk dat ik daarna nog eens alle Bernie Gunther-boeken herlees. Er zijn veel slechtere manieren om je tijd door te brengen.

© Paul De Bruyn, maart 2018